De of het arm?
Het is:
de arm
“De arm zat na de val in het gips.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
fles
loop
stap
sok
hel
overkant
soep
kou
sms
rem
tong
pik
’
arm
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!