De of het baas?

Het is: de baas

“De baas geeft zijn team vrijdag vrij.”

De-woorden in een categorie

personen/beroepen, rivieren/bergen, cijfers/letters, vruchten/groenten/planten/bomen, bloemen, dieren, jaargetijden, muziekinstrumenten

Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:

’baas’ in de woordenboeken van het IVDNT

Start de lidwoorden trainer!