De of het fles?
Het is:
de fles
“De fles moet bij het statiegeld terug.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
reden
vraag
film
cd
morgen
hut
maand
verpleegkundige
zet
archipel
duw
sms
’
fles
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!