De of het koning?

Het is: de koning

“De koning houdt zijn toespraak op Prinsjesdag.”

De-woorden in een categorie

personen/beroepen, rivieren/bergen, cijfers/letters, vruchten/groenten/planten/bomen, bloemen, dieren, jaargetijden, muziekinstrumenten

Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:

’koning’ in de woordenboeken van het IVDNT

Start de lidwoorden trainer!