De of het paar?
Het is:
het paar
“Het paar schoenen bij de deur is nieuw.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
woordenboek
boek
restaurant
middel
kabinet
werk
lam
goed
kleed
conflict
fruit
afdelingshoofd
’
paar
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!