De of het rug?
Het is:
de rug
“De rug doet pijn van het tillen.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
arm
rok
controle
november
dood
plank
haat
ufo
april
oktober
wc
pap
’
rug
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!