De of het schip?
Het is:
het schip
“Het schip vaart morgen de haven uit.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
rijk
personeel
drinken
tijdschrift
teken
voorstel
buitenland
algemeen
cijfer
jongmens
ei
paard
’
schip
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!