De of het soort?

Het is: het/de soort

“Het soort mensen ken ik maar al te goed.”

De-woorden en het-woorden

Woorden die de- en het-woord kunnen zijn, soms met betekenisverschil (homoniemen) en soms zonder betekenisverschil.

Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:

’soort’ in de woordenboeken van het IVDNT

Start de lidwoorden trainer!