De of het weer?
Het is:
het weer
“Het weer slaat morgen om.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
materiaal
overleg
toilet
uitzicht
boek
team
onderscheid
spreekuur
slachtoffer
paard
hek
strand
’
weer
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!