De of het juni?
Het is:
de juni
“De juni van dit jaar was nat en koud.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
week
zak
dag
schijn
maand
truc
getuige
november
pan
aandacht
bus
website
’
juni
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!