De of het prijs?
Het is:
de prijs
“De prijs van de boodschappen stijgt.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
straat
loop
kerk
meter
zoen
helft
hel
tafel
hut
avond
reden
auto
’
prijs
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!