De of het jas?
Het is:
de jas
“De jas hangt aan de kapstok.”
Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:
zoen
stip
goal
helft
dood
wok
naam
pet
schijn
kamer
gok
ballon
’
jas
’ in de woordenboeken van het IVDNT
Start de lidwoorden trainer!